Wanneer voeding een allergische reactie uitlokt: hoe u het herkent, veilig omgaat met allergenen en een ernstige reactie voorkomt.
Bij een voedselallergie reageert het afweersysteem overdreven op een eiwit in een bepaald voedingsmiddel. Zelfs een kleine hoeveelheid kan een reactie uitlokken, die meestal binnen minuten tot enkele uren na het eten optreedt. Een voedselallergie is iets anders dan een voedselintolerantie (zoals lactose-intolerantie), waarbij het lichaam een voedingsstof moeilijk verteert zonder dat het afweersysteem betrokken is. Voedselallergie komt vooral bij jonge kinderen voor. Sommige allergieën, zoals voor koemelk of ei, verdwijnen vaak met de jaren, terwijl noten- en pinda-allergie meestal blijven.
De reactie kan mild of ernstig zijn en verschillende systemen treffen:
Een voedselallergie hangt vaak samen met andere atopische klachten zoals eczeem en allergie.
Een beperkt aantal voedingsmiddelen is verantwoordelijk voor de meeste allergieën bij kinderen: koemelk, kippenei, pinda, noten, soja, tarwe, vis en schaaldieren. De aanleg is deels erfelijk. De reactie ontstaat doordat het afweersysteem het eiwit ten onrechte als schadelijk beschouwt. Het is belangrijk om echte allergie te onderscheiden van een gewone gevoeligheid, want dat bepaalt hoe streng u het voedingsmiddel moet vermijden. Dat onderscheid maakt de arts, niet een zelftest.
Laat elk vermoeden van voedselallergie professioneel onderzoeken en bel dringend hulp bij een ernstige reactie:
Bij deze tekenen belt u onmiddellijk 112 en dient u indien voorgeschreven de adrenalinepen toe. Voor mildere of onduidelijke klachten maakt u een afspraak; zie wanneer u naar de kinderarts gaat.
De arts brengt zorgvuldig in kaart welk voedingsmiddel bij welke klachten hoort. Om de allergie te bevestigen kan een allergietest volgen, met een huidpriktest of een bloedonderzoek. Soms is een gecontroleerde voedselprovocatie in het ziekenhuis nodig om zekerheid te krijgen. Op basis daarvan krijgt u een duidelijk plan: welk voedingsmiddel strikt vermijden, hoe etiketten lezen, en een noodplan met eventueel een adrenaline-auto-injector. Bij eliminatie van belangrijke voedingsgroepen geeft de arts of diëtist voedingsadvies om tekorten te voorkomen.
Vermijd het bewezen allergeen consequent en leer nauwkeurig etiketten lezen, want allergenen zitten soms verstopt in samengestelde producten. Informeer school, opvang, familie en vriendjes duidelijk over de allergie en het noodplan. Draag bij een ernstige allergie altijd de voorgeschreven medicatie en adrenalinepen bij u en zorg dat begeleiders weten hoe die te gebruiken. Introduceer nieuwe voeding rustig en observeer de reactie. Experimenteer nooit op eigen houtje met opnieuw geven van een allergeen: doe dat enkel onder begeleiding van de arts.
Deze informatie is algemeen en vervangt geen persoonlijk advies. Raadpleeg altijd uw kinderarts of huisarts voor een diagnose en behandeling op maat.
Reageert uw kind op bepaalde voeding? Vind een kinderarts bij u in de buurt →